Video’s

Inlichtingenplicht bij aanvraag

Lees tekst uit video

Zo zit het met de inlichtingenplicht  bij een bijstandsaanvraag

Een uitkering aanvragen?

Op gesprek?

Dit is wat de gemeente van u wil weten.

Heeft u een bijstandsuitkering aangevraagd? Dan wil de gemeente graag een gesprek met u. U maakt hiervoor zelf een afspraak. Of u krijgt een uitnodiging van uw gemeente.

Dit gesprek is bedoeld om na te gaan of u echt een bijstandsuitkering nodig heeft. U moet dan ook papieren meenemen om dit te bewijzen. De gemeente beslist aan de hand van dit gesprek of u een uitkering krijgt en hoe hoog die uitkering is.

In dit filmpje vertellen we u welke papieren u in uw tas doet en meeneemt naar het gesprek. We noemen acht soorten papieren die inzicht geven in uw persoonlijke situatie.

  1. Neem uw paspoort of identiteitskaart mee, dus niet uw rijbewijs. Heeft u geen Nederlands paspoort? Breng dan uw verblijfstitel mee en uw burgerservicenummer.
  2. Neem uw huurcontract mee als u in een huurhuis woont. Heeft u een koophuis? Dan ziet de gemeente graag een papier waarop uw hypotheekschuld staat.
  3. Verzamel de papieren bankafschriften, of kopieën daarvan, waarop te zien is hoeveel geld u heeft om van te leven. Neem bankafschriften mee van de afgelopen drie maanden met daarop bijvoorbeeld uw salaris, uw alimentatie, geld uit kamerverhuur, nabestaandenuitkering en giften van uw ouders.

Bankiert u online? Print dan een overzicht van uw bankrekeningen uit van de laatste drie maanden. Neem voor de zekerheid het apparaatje mee waarmee u inlogt op uw bankrekening. De gemeente kan u namelijk vragen het overzicht ter plekke uit te printen.

  1. Ook de papieren over uw vermogen neemt u mee. Dit zijn uw luxe, extra bezittingen, zoals spaargeld, aandelen, kostbare sieraden, maar ook uw auto. U verzamelt daarvan de bankafschriften en aankoopbonnen. Van uw auto neemt u het kentekenbewijs mee. Overigens tellen de gewone bezittingen, zeg maar dat wat iedereen in huis heeft staan, niet mee voor uw vermogen. Bijvoorbeeld een televisie, een koelkast, een bed en een bankstel.
  2. Bent u werkloos? Neem dan de brief mee waarin staat dat het contract van uw laatste baan is beëindigd en per wanneer. Werkt u parttime? Dan wil de gemeente uw arbeidscontract zien.

Heeft u een WW-uitkering gehad? Neem dan de brief van het UWV mee waarin staat dat uw WW is beëindigd.

  1. Neem de bewijzen mee waaruit blijkt dat u actief naar werk zoekt. Dit zijn bijvoorbeeld: inschrijvingen bij het uitzendbureau, sollicitatiebrieven en afwijzingen.
  2. De gemeente vraagt ook om een bewijs van uw schulden als u die heeft, bijvoorbeeld van leningen.
  3. Bent u gescheiden? Neem dan de uitspraak van de rechtbank mee.

Verder vraagt de gemeente u waar u woont en wie er nog meer in hetzelfde huis wonen. En als u getrouwd bent of samenwoont moet ook uw partner meekomen voor het gesprek en zijn of haar paspoort meenemen.

Mocht u per ongeluk toch iets vergeten, dan geeft de gemeente u de kans om de papieren alsnog in te leveren. Zorg er wel voor dat u àlle gevraagde papieren op tijd inlevert. Anders loopt u het risico dat uw aanvraag niet wordt behandeld. U moet dan een nieuwe aanvraag doen. In de tussentijd heeft u geen geld of minder geld om van te leven. En dat is natuurlijk niet de bedoeling. We wensen u veel succes met uw aanvraag.

Inlichtingenplicht bij bestaande uitkering

Lees tekst uit video

Zo zit het met wijzigingen doorgeven voor uw uitkering

Heeft u een uitkering?

Geef wijzigingen dan op tijd door.

Zo voorkomt u een boete.

Krijgt u een bijstandsuitkering? Dan heeft de gemeente u van alles gevraagd over uw woon- en leefsituatie. U heeft ook papieren moeten inleveren waaruit blijkt hoe het zit met uw inkomen en bezittingen. Deze gegevens heeft de gemeente nodig om vast te stellen of u recht heeft op een uitkering. En zo ja, hoe hoog die uitkering dan moet zijn.

Stel nu dat er iets verandert in uw leven. U ontmoet bijvoorbeeld uw grote liefde en u gaat samenwonen. Dan klopt de informatie die de gemeente van u heeft dus niet meer. U bent daarom verplicht om dit door te geven. Heeft uw partner bijvoorbeeld een goed betaalde baan, dan kan het zijn dat u minder of geen uitkering krijgt. Meldt u deze wijziging niet, dan loopt uw uitkering gewoon door. U krijgt dan geld waar u geen recht op heeft. Dit is fraude. U moet dan elke cent aan uitkering die u te veel heeft gekregen later weer terugbetalen. Plus een boete. Het is dus heel belangrijk dat u wijzigingen in uw persoonlijke leven en wijzigingen in uw geldzaken en woonsituatie zo snel mogelijk doorgeeft. Dat scheelt een hoop gedoe en veel geld.

We geven u 5 voorbeelden van belangrijke wijzigingen die u doorgeeft aan uw gemeente:

  1. Heeft u werk gevonden? Geef dit door zodra u het arbeidscontract heeft getekend. Ook als het om maar een paar uurtjes per week gaat. Uw uitkering wordt dan aangepast. Vergeet ook niet elke maand een loonstrook in te leveren bij uw gemeente.
  2. Gaat u naar het buitenland? Laat van te voren weten wanneer u op reis gaat en wanneer u weer terug bent. Let op: bent u langer dan 4 weken weg, bijvoorbeeld voor een vakantie? Dan heeft u vanaf de 29ste dag geen recht meer op een uitkering.
  3. Heeft u een extraatje omdat u een schenking of een erfenis heeft gekregen? Of omdat u een auto of sieraden via eBay of Marktplaats heeft verkocht?  Verkoopt u zelfs regelmatig spullen op deze manier? Dat is mooi meegenomen. Maar het is mogelijk dat u dan genoeg geld heeft om van te leven. U heeft dan geen recht meer op een bijstandsuitkering.
  4. Gaat u verhuizen? Dan ‘verhuist’ uw uitkering mee naar uw nieuwe adres. Verhuist u naar een andere gemeente? Dan bepaalt die gemeente opnieuw uw recht op uitkering en de hoogte ervan.
  5. De hoogte van uw uitkering hangt ook af van het aantal volwassenen dat in uw huis woont. Gaat uw 21-jarige zoon binnenkort op kamers wonen? Of komen uw ouders bij u inwonen? Dan wijzigt in beide gevallen het aantal mensen in uw huis. U heeft daardoor recht op meer of juist minder uitkering. Dit heet de kostendelersnorm.

Heeft u de gemeente verkeerde informatie gegeven? Of u helemaal niets doorgegeven?  Dan moet u wat u te veel aan uitkering heeft gekregen terugbetalen. Heeft u bijvoorbeeld
€ 3.000,- te veel gekregen? Dan betaalt u die € 3.000,- terug. En daarbij krijgt u ook een boete. Zo’n boete kan extra hard aankomen als u schulden heeft. Zit u in een aflossingstraject om uw schulden af te betalen? Dan moet u die boete toch betalen. Maar u mag de boete niet aflossen via dit aflossingstraject. De kans is dan heel groot dat u uw traject moet stoppen omdat u door de boete nieuwe schulden heeft gemaakt.

Dus voorkom problemen en geef uw wijzigingen snel door. Dan krijgt u de uitkering waar u recht op heeft.